Witte jassenfamilie
“De helft van mijn familie bestond uit artsen. Arts zijn past bij me: in mijn beroep kan ik twee van mijn opvallendste karaktereigenschappen – zorgzaamheid en perfectionisme – goed kwijt. Eigenlijk ben ik plastisch chirurg geworden door mijn buurjongen. Toen hij klein was, kreeg hij met z’n vader een auto-ongeluk. Hij had zijn riem niet om, waardoor hij door de voorruit vloog en glas in zijn gezicht kreeg. Mijn oom was plastisch chirurg en daar zijn ze heengegaan om zijn gezicht op te lappen. Dat maakte zo’n indruk dat ik plastisch chirurg wilde worden.”

Carrière
“Al tijdens mijn opleiding tot plastisch chirurg heb ik me gespecialiseerd in de behandeling van aangeboren afwijkingen bij baby’s, de zogenaamde schisis en craniofaciale chirurgie. De eerste vijftien jaar van mijn carrière heb ik doorgebracht in het Sophia Kinderziekenhuis, waar ik samen met de hersenchirurgen schedel- en gezichtoperaties deed. Daarnaast ben ik gezichtsoperaties bij volwassenen gaan doen. De overstap naar de cosmetiek was voor mij vervolgens logisch. Twee jaar geleden heb ik uiteindelijk de keuze gemaakt om fulltime in een privékliniek te gaan werken.”

Share with your friends










Submit
Share on Pinterest